Na de tweede winter beginnen de gevelmaterialen zich duidelijk te onderscheiden.
Tal van houtsoorten, dezelfde gevel, zelfde detaillering, open westzijde, volledig vrij en goed geventileerd.
Fire reaction testing of wood façade materials is typically performed on new materials under controlled and repeatable conditions. While such testing provides valuable insight into initial performance, façade materials in practice are exposed for years to solar radiation, moisture cycles and temperature variations. Over the past years, a large number of wood species have been tested using identical SBI test configurations, allowing material-related behaviour to be distinguished from test-induced variability. Repetition tests show that results tend to cluster strongly within a given wood species, while pronounced differences occur between species, even within a relatively narrow density range. These observations indicate that fire behaviour is inherently wood-species dependent. Based on this, the working hypothesis was formulated that the effects of natural weathering may also be species dependent and potentially non-linear. This blog outlines the research approach used to investigate these mechanisms and explains why understanding surface evolution over time is essential when interpreting fire behaviour of wood façades.
lees verderWat begon als een stille hoop, werd gisteren realiteit.
Wellwoods (Waver, BE) wint de "FSC PROJECT AWARD 2025" én werd laureaat in de categorie gevelbekleding bij de Schrijnwerk Awards.

De bouwsector zit midden in een ecologische transitie en beweegt snel richting biobased materialen. Dat is positief en zelfs noodzakelijk. Tegelijk circuleren er steeds meer duurzaamheidsclaims die weinig verband houden met de onderliggende materiaalkunde. Vooral thermisch gemodificeerd hout en biobased composieten, zoals het veelgebruikte geperste bamboe, worden vaak voorgesteld als materialen met een uitzonderlijk lange levensduur. Dit terwijl hun interne verouderingsmechanismen in veel gevallen nauwelijks worden meegenomen in de beoordeling. Het resultaat is een industriële realiteit waarin schimmeltests, normverwijzingen of visuele inspecties regelmatig worden opgevoerd als bewijs voor technische duurzaamheid. Dit terwijl dergelijke indicatoren veel relevante degradatieprocessen niet afdekken. Dit artikel maakt dat onderscheid concreet en geeft een diepgaande, maar toegankelijke inkijk in de materiaalkunde achter duurzaamheid en levensduur. Daarbij wordt duidelijk dat verschillende biobased materialen in de praktijk vaak een andere (en soms veel lagere) technische levensduur hebben dan wat in marketing of productinformatie wordt gesuggereerd.
lees verder
De duurzaamheid van hout wordt in de praktijk vaak herleid tot één laboratoriumtest: de schimmeltest. Dit is echter slechts één dimensie van buitenduurzaamheid, die in werkelijkheid bepaald wordt door de chemische opbouw, anatomische structuur, vochtregulatie, montagecondities en het vermogen tot stabiele natuurlijke veroudering. EN 350 is daarom een waardevol classificatiesysteem voor natuurlijke houtsoorten, maar niet geschikt voor gemodificeerde materialen waarvan de polymerenstructuur is veranderd. Thermisch gemodificeerd hout en biobased composieten scoren vaak hoog in schimmeltesten, maar verliezen door hun gedegradeerde of heterogene polymerenmatrix het natuurlijke verouderingsmechanisme dat hout zo duurzaam maakt. Hierdoor ligt hun realistische levensduur zelden hoger is dan 15–25 jaar in buitentoepassing, ondanks sommige EPD-claims van 40–50 jaar. In deze bijdrage wordt uitgelegd waarom de definitie van ‘levensduur’ zelf problematisch is, waarom natuurlijke polymeren bepalend zijn voor duurzame prestaties, waarom gemodificeerde materialen anders en sneller degraderen, en waarom onbehandeld hout, mits correct toegepast, een unieke positie houdt binnen biobased bouwmaterialen.
lees verder